Hayarpi woont al negen jaar in Nederland en studeert econometrie. Op dit moment zit ze ondergedoken in een kerk omdat de Nederlandse staat haar wil uitzetten. Ook al heeft de rechter het gezin al drie keer in het gelijk gesteld in de strijd om te blijven, in rechtszaken die steeds weer door de Nederlandse overheid werden aangespannen.

Diezelfde Nederlandse overheid wilde Mauro na 8 jaar in Nederland uitzetten naar Angola, al kreeg hij van staatssecretaris Bleker live bij Jeroen Pauw aan tafel nog wel een gratis kaartje voor een wedstrijd van FC Twente.

Lili en Howick’s moeder werd ’s nachts van haar bed getild en uitgezet naar Armenië. De kinderen waren uit logeren en bleven alleen in Nederland achter.

Het probleem

Elk verhaal hierboven is een voorbeeld van het kinderpardon dat niet werkt. Het kinderpardon is een wet die regelt dat asielkinderen die langer dan vijf jaar in Nederland zijn hier mogen blijven. Omdat zij lang in onzekerheid hebben geleefd, onze taal spreken, in ons land vriendjes hebben gemaakt en een toekomst aan het opbouwen zijn. Dat klinkt logisch. Toch?

Maar steeds komen er weer zaken in het nieuws die aantonen dat het huidige kinderpardon niet werkt. De verhalen van Hayarpi, Mauro, Lili en Howick zijn voorbeelden. In totaal gaat het om 400 kinderen die al (langer dan) vijf jaar in ons land zijn.

Bijna alle kinderen (92 procent) die een beroep doen op het kinderpardon worden afgewezen. Ook al moeten ze dan terug naar een land waar ze soms nooit (meer) zijn geweest. Ook al zijn ze soms zelfs in Nederland geboren. Ook al spreken ze er de taal niet, en kennen ze niets anders dan Nederland.

Wat gaat er fout? Waarom is er een kinderpardon, maar werkt het niet en weigert de overheid hier iets aan te doen?

Terug in de tijd

Even terug in de tijd. In de jaren negentig moeten asielzoekers jaren en jaren wachten op een beslissing over hun aanvraag. Zo woonde Rodaan Al Galidi maar liefst negen jaar in een asielzoekerscentrum in Nederland nadat hij uit Irak vluchtte.

In 2001 komt er een nieuwe vreemdelingenwet. Deze wet moet ervoor zorgen dat asielzoekers minder lang hoeven te wachten. Maar de wet werkt nauwelijks, en alsnog moeten mensen vaak jaren wachten op een besluit.

Dan wordt in 2011 de term ‘kinderpardon’ voor het eerst gebruikt, door GroenLinks-Tweede Kamerlid Tofik Dibi. Hij steunt daarmee het initiatief van Kamerleden Hans Spekman (PvdA) en Joël Voordewind (ChristenUnie) om kinderen die al lang in Nederland wonen en zich hier hebben geworteld een vergunning te geven. Dibi begint een handtekeningenactie, die 130.000 keer wordt ondertekend. Ook bekende Nederlanders zoals Marco Borsato en Paul de Leeuw steunen de actie.

Na de verkiezingen van 2012 maken regeringspartijen PvdA en VVD nieuwe afspraken over het kinderpardon: asielkinderen die tenminste vijf jaar in Nederland zijn voordat ze 18 worden, krijgen een verblijfsvergunning. Maar met daarbij een belangrijke verplichting: dat de kinderen ‘zich niet langdurig aan het toezicht van de rijksoverheid hebben onttrokken’. Ook wel bekend als het ‘meewerkcriterium’.

Een pardon dat geen pardon is

In de jaren die volgen blijkt dat dit meewerkcriterium de wet onwerkbaar maakt. 92 procent van de kinderen die een beroep doen op het kinderpardon wordt afgewezen. Bijvoorbeeld doordat zij zich niet op tijd hebben gemeld bij de Dienst Terugkeer & Vertrek, uit angst om uitgezet te worden. Door de strenge toepassing van het ‘meewerkcriterium’, biedt de kinderpardonregeling geen uitkomst voor kinderen die hier al langer dan vijf jaar zijn. Zij zitten in extreme onzekerheid, zonder dat het kabinet daar iets aan wil veranderen.

Uit de samenleving klinkt in de jaren die volgen veel protest. Toch spreekt het kabinet Rutte III in 2017 af het kinderpardon niet ruimhartiger te maken. D66 en ChristenUnie waren voorheen nog voorstander van een beter kinderpardon. Toch stemmen ze tijdens de coalitieonderhandelingen in 2017 juist in met het ‘meewerkcriterium’. Het kinderpardon blijft streng – en daardoor geen echt pardon voor de 400 kinderen die in onzekere situaties zitten.

Kinderen de dupe van politieke spelletjes

Asielkinderen hebben nooit schuld aan de situatie waarin zij zitten. Als zij zo lang in Nederland zijn dat ze de taal kennen, Nederlandse vriendjes hebben en vaak geen herinneringen meer hebben aan hun thuisland, dan moet Nederland deze kinderen opnemen. Want kinderen uitzetten die al meer dan vijf jaar in Nederland wonen, is extreem schadelijk en onverantwoord, zo zeggen ook wetenschappers.

Kinderen mogen nooit de dupe worden van politieke spelletjes. En ook niet van een kinderpardon dat niet werkt. De huidige regering houdt een beter kinderpardon tegen en de VVD schaft het kinderpardon überhaupt het liefst af.

De oplossing

We strijden al jaren voor een echt werkend kinderpardon, en dat blijven we doen. Bijvoorbeeld door in de Tweede Kamer te eisen dat het ‘meewerkcriterium’ verdwijnt. En het kabinet moet zo snel mogelijk met een oplossing komen voor de 400 kinderen die nu in onzekerheid zitten.

Wij willen een kinderpardon dat werkt. Voor alle asielkinderen die langer dan vijf jaar in Nederland zijn. Zodat kinderen zoals Lili, Howick en Hayarpi niet meer in de media hoeven te vechten voor hun verblijfsvergunning.

Want deze kinderen hoeven niet weg. Ze zijn al thuis.